Artikel 1.
Begripsbepalingen.
In deze statuten wordt verstaan onder:
- Bestuur:
het bestuur van de Stichting;
- Schriftelijk:
bij brief, fax of e-mail, of bij boodschap die via een ander gangbaar communicatiemiddel
wordt overgebracht en elektronisch of op schrift kan worden ontvangen mits de identiteit
van de verzender met afdoende zekerheid kan worden vastgesteld;
- Statuten:
de statuten van de Stichting, zoals die van tijd tot tijd zullen luiden;
- Stichting:
de rechtspersoon waarop de Statuten betrekking hebben.
Artikel 2.
Naam en zetel.
1. De Stichting draagt de naam: Stichting SoulShine Movement.
2. Zij heeft haar zetel in de gemeente Leiden.
Artikel 3.
Doel.
1. De Stichting heeft ten doel het uitoefenen van een creatief "Evangelisch Worship Centrum",
welke zich richt op de positieve en persoonlijke ontwikkeling van jongeren en
jongvolwassenen waarbij Jezus/God centraal staat alsmede het verrichten van
zendingswerk en voorts al hetgeen in de ruimste zin met één en ander verband houdt,
daartoe behoort en/of daartoe bevorderlijk kan zijn.
2. De Stichting tracht haar doel onder meer te bereiken door jongeren te betrekken
bij het maken en opnemen van muziek, waarbij een ieder de ruimte krijgt
te ontdekken wat zijn/haar talenten zijn en hoe deze verder te ontwikkelen;
- het uitbrengen van muziek onder eigen label en streaming diensten. Hierbij is de
opbrengst ten gunste van de artiest;
- jongeren te helpen bij het presenteren voor kleine en grote groepen.
- coachen en trainen van jongeren in groepsverband;
- events en “get-togethers” te organiseren met een thema rondom het geloof in Jezus _
en de maatschappij;
- ondersteuning te bieden aan kansloze jongeren en jongvolwassenen door ze
handvaten te geven om het leven in de maatschappij weer op te pakken maar dan
met Jezus/God.
3. De Stichting heeft niet ten doel het maken van winst.
Artikel 4.
Vermogen.
1. Het vermogen van de Stichting zal worden gevormd door:
a. subsidies en andere bijdragen;
b. schenkingen, erfstellingen en legaten;
c. alle andere verkrijgingen en baten.
2. Erfstellingen mogen door de Stichting slechts worden aanvaard onder het voorrecht van
boedelbeschrijving.
Artikel 5.
Bestuur.
1. Het Bestuur bestaat uit een door het Bestuur te bepalen oneven aantal van ten minste drie
(3) leden en wordt voor de eerste maal bij deze akte benoemd.
2. Het Bestuur (met uitzondering van het eerste Bestuur, waarvan de leden in functie worden
benoemd) kiest uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester,
tezamen vormende het dagelijks bestuur.
De functies van secretaris en penningmeester kunnen ook door één persoon worden
vervuld.
3. De bestuurders worden benoemd voor een periode van drie (3) jaar.
4. Bij het ontstaan van één (of meer) vacature(s) in het Bestuur zullen de overblijvende
bestuurders met algemene stemmen (of zal de enig overblijvende bestuurder) binnen drie
maanden na het ontstaan van de vacature(s) daarin voorzien door de benoeming van één
(of meer) opvolger(s).
5. Mocht dan wel mochten in het Bestuur om welke reden dan ook één of meer leden
ontbreken, dan vormen de overblijvende bestuurders, of vormt de enig overblijvende
bestuurder niettemin een wettig Bestuur.
6. Bij verschil van mening tussen de overblijvende bestuurders omtrent de benoeming,
alsmede wanneer te eniger tijd alle bestuurders mochten komen te ontbreken voordat
aanvulling van de ontstane vacature(s) plaats had en voorts indien de overgebleven
bestuurders zouden nalaten binnen de in lid 4 van dit artikel genoemde termijn in de
vacature(s) te voorzien, zal die voorziening geschieden door de rechtbank op verzoek van
iedere belanghebbende of op vordering van het openbaar ministerie.
Artikel 6.
Vergaderingen van het Bestuur en besluiten van het Bestuur.
1. De vergaderingen van het Bestuur worden gehouden op de van keer tot keer door het
Bestuur te bepalen plaatsen.
2. Ieder half jaar wordt ten minste één vergadering gehouden.
3. Vergaderingen zullen voorts telkenmale worden gehouden, wanneer de voorzitter dit
wenselijk acht of indien één van de andere bestuurders daartoe Schriftelijk en onder
nauwkeurige opgave van de te behandelen punten aan de voorzitter het verzoek richt.
Indien de voorzitter aan een dergelijk verzoek geen gevolg geeft zodanig,
dat de vergadering worden gehouden binnen drie weken na het verzoek, is de verzoeker
gerechtigd zelf een vergadering bijeen te roepen met inachtneming van de vereiste
formaliteiten.
4. De oproeping tot de vergadering geschiedt - behoudens het in lid 3 bepaalde - door de
voorzitter, ten minste zeven dagen tevoren, de dag van de oproeping en die van de
vergadering niet meegerekend, Schriftelijk.
5. De oproeping vermeldt behalve plaats en tijdstip van de vergadering, de te behandelen
onderwerpen.
Vergaderingen van het Bestuur kunnen ook worden gehouden door middel van
telefonische- of videoconferenties, of door middel van enig ander communicatiemiddel, mits
elke deelnemende bestuurder door alle anderen gelijktijdig kan worden gehoord.
6. Indien de door de Statuten gegeven voorschriften voor het oproepen en houden van
vergaderingen niet in acht zijn genomen, kunnen desalniettemin in een vergadering van het
Bestuur geldige besluiten worden genomen over alle aan de orde komende onderwerpen,
mits in de betreffende vergadering van het Bestuur alle in functie zijnde bestuurders
aanwezig zijn en mits de betreffende besluiten worden genomen met algemene stemmen.
7. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het Bestuur; bij diens afwezigheid
wijst de vergadering zelf haar voorzitter aan.
8. Van het verhandelde in de vergaderingen worden notulen gehouden door de secretaris of
door een van de andere aanwezigen, door de voorzitter daartoe aangezocht.
De notulen worden vastgesteld in de eerstvolgende vergadering en ten blijke daarvan
getekend door de voorzitter en secretaris van die vergadering.
9. Het Bestuur kan in een vergadering alleen dan geldige besluiten nemen indien de meerderheid
van zijn in functie zijnde leden in de vergadering aanwezig of vertegenwoordigd is.
Een bestuurder kan zich in de vergadering door een mede-bestuurder laten
vertegenwoordigen op overlegging van een schriftelijke, ter beoordeling van de voorzitter
van de vergadering voldoende, volmacht.
Een bestuurder kan daarbij slechts voor één mede-bestuurder als gevolmachtigde optreden.
Een bestuurder neemt niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming indien hij daarbij
een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de
Stichting en de met haar verbonden organisatie.
Wanneer hierdoor geen bestuursbesluit zou kunnen worden genomen, wordt het besluit
desalniettemin genomen door het Bestuur onder schriftelijke vastlegging van de
overwegingen die aan het besluit ten grondslag liggen.
10. Het Bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits alle bestuurders hun stem
Schriftelijk hebben uitgebracht.
Het bepaalde in de vorige volzin geldt ook voor besluiten tot wijziging van de Statuten of
ontbinding van de Stichting.
Voor besluitvorming buiten vergadering gelden dezelfde meerderheden als voor
besluitvorming in vergadering.
Van een buiten vergadering genomen besluit wordt onder bijvoeging van de ingekomen
stemmen door de secretaris een relaas opgemaakt, dat na mede-ondertekening door de
voorzitter bij de notulen wordt gevoegd.
11. Iedere bestuurder heeft het recht tot het uitbrengen van één stem.
Voor zover de Statuten geen grotere meerderheid voorschrijven worden alle besluiten van
het Bestuur genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
Indien de stemmen staken komt geen besluit tot stand.
Ingeval de stemmen staken kan het Bestuur met algemene stemmen besluiten tot het
benoemen van een adviseur, teneinde een beslissing over het betreffende voorstel te
nemen.
De beslissing van de adviseur geldt alsdan als een besluit van het Bestuur.
12. Alle stemmingen ter vergadering geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke
stemming gewenst acht of één van de stemgerechtigden dit voor de stemming verlangt.
Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes.
13. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
Artikel 7.
Bestuursbevoegdheid en vergoedingen.
1. Het Bestuur is belast met het besturen van de Stichting.
2. Het Bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot
verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen en tot het aangaan van
overeenkomsten waarbij de Stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt,
zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander
verbindt.
3. Bij de vervulling van hun taak richten de bestuurders zich naar het belang van de Stichting
en de met haar verbonden organisatie.
4. In geval van ontstentenis of belet van één of meer bestuurders is (zijn) de overblijvende
bestuurder(s) met het gehele bestuur belast.
In geval van ontstentenis of belet van alle bestuurders of van de enige bestuurder wordt de
Stichting tijdelijk bestuurd door een persoon die daartoe door het Bestuur steeds moet zijn
aangewezen.
Onder belet wordt in deze statuten in ieder geval verstaan de omstandigheid dat de
bestuurder gedurende een periode van meer dan zeven dagen onbereikbaar is door ziekte
of andere oorzaken.
5. Aan de bestuurders kan geen beloning worden toegekend.
Kosten worden aan de bestuurders op vertoon van de bewijsstukken vergoed.
Artikel 8.
Vertegenwoordiging.
1. De Stichting wordt vertegenwoordigd door het Bestuur, voor zover uit de wet niet anders
voortvloeit.
De Stichting kan voorts worden vertegenwoordigd door door het voltallige bestuur.
2. Het Bestuur kan aan anderen volmacht geven om de Stichting in en buiten rechte te
vertegenwoordigen binnen de in die volmacht omschreven grenzen.
Artikel 9.
Einde lidmaatschap van het Bestuur.
Het lidmaatschap van het Bestuur eindigt:
- door overlijden van een bestuurder;
- bij verlies van het vrije beheer over zijn vermogen;
- bij schriftelijke ontslagneming (bedanken);
- bij ontslag op grond van artikel 2:298 Burgerlijk Wetboek;
- door een besluit door de overige bestuurders met algemene stemmen genomen.
Artikel 10.
Boekjaar en jaarstukken.
1. Het boekjaar van de Stichting is gelijk aan het kalenderjaar.
2. Het Bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de Stichting en van alles
betreffende de werkzaamheden van de Stichting, naar de eisen die voortvloeien uit deze
werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende
boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat te
allen tijde de rechten en verplichtingen van de Stichting kunnen worden gekend.
3. Per het einde van ieder boekjaar maakt de penningmeester een balans en een staat van
baten en lasten over het geëindigde boekjaar op, welke jaarstukken binnen zes maanden
na afloop van het boekjaar en, indien de subsidiënten zulks wensen, vergezeld van een
rapport van een registeraccountant of een accountant-administratieconsulent aan het
Bestuur worden aangeboden.
4. De jaarstukken worden door het Bestuur vastgesteld.
Vaststelling van de jaarstukken door het Bestuur strekt de penningmeester tot decharge
voor het door hem gevoerde beheer.
5. Het Bestuur houdt een register bij waarin de namen en adressen van alle personen worden
opgenomen aan wie door de Stichting een uitkering is gedaan die niet meer bedraagt dan
vijfentwintig procent (25%) van het voor uitkering vatbare bedrag in een bepaald boekjaar,
alsmede het bedrag van de uitkering en de datum waarop deze uitkering is gedaan.
Artikel 11.
Commissies.
Het Bestuur is bevoegd een of meer commissies in te stellen, waarvan de taken en
bevoegdheden alsdan zullen worden vastgesteld bij huishoudelijk reglement.
Artikel 12.
Raad van Advies.
Het Bestuur kan een Raad van Advies instellen, die alsdan in ieder geval tot taak zal hebben het
Bestuur gevraagd en ongevraagd te adviseren.
De verdere taken en bevoegdheden zullen alsdan bij huishoudelijk reglement worden
vastgesteld.
Artikel 13.
Directeur.
1. Het Bestuur kan een directeur benoemen en deze belasten met de dagelijkse gang van
zaken van de Stichting.
2. Indien een directeur is benoemd kan deze door het Bestuur met inachtneming van de
daartoe strekkende wettelijke bepalingen worden ontslagen.
3. De directeur heeft in de vergaderingen van het Bestuur een adviserende stem.
Artikel 14.
Reglementen.
1. Het Bestuur is bevoegd een of meer reglementen vast te stellen, waarin die onderwerpen
worden geregeld, welke niet in de Statuten zijn vervat.
2. De reglementen mogen niet met de wet of de Statuten in strijd zijn.
3. Het Bestuur is te allen tijde bevoegd de reglementen te wijzigen of op te heffen.
4. Op de vaststelling, wijziging en opheffing van de reglementen is het bepaalde in artikel 15
leden 1 en 2 van overeenkomstige toepassing.
Artikel 15.
Statutenwijziging.
1. Het Bestuur is bevoegd de Statuten te wijzigen.
Onverminderd het bepaalde in artikel 6 lid 10 moet het besluit daartoe worden genomen
met een meerderheid van ten minste drie/vierde van de uitgebrachte stemmen in een
vergadering van het Bestuur, waarin alle bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn.
2. Zijn in een vergadering, waarin een voorstel als bedoeld in lid 1 van dit artikel aan de orde
is gesteld niet alle bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd dan zal een tweede
vergadering van het Bestuur worden bijeengeroepen, te houden niet eerder dan zeven
dagen, doch niet later dan één en twintig dagen na de eerste, waarin een zodanig besluit
kan worden genomen met een meerderheid van ten minste drie/vierde van de uitgebrachte
stemmen, en in welke vergadering ten minste de meerderheid van de in functie zijnde
bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd is.
3. Iedere bestuurder is bevoegd de notariële akte van statutenwijziging te verlijden.
Artikel 16.
Ontbinding en vereffening.
1. Het Bestuur is bevoegd de Stichting te ontbinden.
Op het daartoe te nemen besluit is het bepaalde in artikel 15 leden 1 en 2 van
overeenkomstige toepassing.
2. De Stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan voor zover dit tot vereffening van haar
vermogen nodig is.
3. De vereffening geschiedt door het Bestuur.
4. De vereffenaars dragen er zorg voor dat van de ontbinding van de Stichting inschrijving
geschiedt in het register, bedoeld in artikel 2:289 Burgerlijk Wetboek.
5. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de Statuten zoveel mogelijk van
kracht.
6. Een eventueel batig saldo van de ontbonden Stichting wordt besteed ten behoeve van een
algemeen nut beogende instelling die een soortgelijke doelstelling als de doelstelling van
de Stichting heeft of van een buitenlandse instelling die uitsluitend of nagenoeg uitsluitend
het algemeen nut beoogt en die een soortgelijke doelstelling als de doelstelling van de
Stichting heeft.
7. Na afloop van de vereffening blijven de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers
van de ontbonden Stichting gedurende zeven jaren berusten onder de jongste vereffenaar.
Artikel 17.
Slotbepaling.
In alle gevallen waarin zowel de wet als de Statuten niet voorzien, beslist het Bestuur.
Slotverklaring.
Ten slotte verklaarde de comparant als volgt:
ter uitvoering van het bepaalde in artikel 5 leden 1 en 2 dat het Bestuur voor de eerste maal
uit drie leden bestaat en dat voor de eerste maal tot bestuurders worden benoemd:
- Oprichter 3, voornoemde Leslie Rudie Hendrik Jan Savijn, met als titel voorzitter;
- Oprichter 2, voornoemde Pieter Hendrik Teuwisse, met als titel penningmeester;
- Oprichter 1, voornoemde Jelani Tumaini Delius Leito, met als titel secretaris;
We gebruiken cookies om websiteverkeer te analyseren en de ervaring op je website te optimaliseren. Als je het gebruik van cookies accepteert, worden je gegevens gecombineerd met de gegevens van alle andere gebruikers.